AudaTours logoAudaTours

Edinburgh Audiotour: Betoverende Reis Langs de Bezienswaardigheden van Edinburgh

starstarstarstarstar
4.52 beoordelingen
Audiogids15 stops

Een parlement verdwenen door koninklijk besluit. Een kerk waar rebellen ooit de banken vulden. Een scheef oud huis waar goudsmeden samenzwoeren en legendes verstrengeld raakten met feiten. De Royal Mile van Edinburgh heeft geheimen in elke steen verborgen. Ontrafel het dramatische verleden van de stad in je eigen tempo met deze zelfgeleide audiotour. Volg verborgen paden achter moderne politiek, koninklijke schandalen, religieuze oorlogen en verhalen die de reisgidsen weglaten. Wat gebeurde er echt toen Schotland van de ene op de andere dag zijn parlement verloor? Wie liep er rond in Canongate Kirk terwijl Jacobitische soldaten hun gevangenen onder toeziend oog vasthielden? En welke glimmende schatten bezegelden het gruwelijke lot van een bewoner in het John Knox Huis? Volg kronkelende steegjes en schaduwrijke gangen van debatruimtes naar spookhuizen. Hoor echo's van rebellie, gefluisterde complotten en felle trots bij elke stap terwijl de eeuwen om je heen tot leven komen. Klaar om de deuren van de geschiedenis van Edinburgh te openen en te zien wat erin wacht? Begin nu met verkennen – de geheimen zijn dichterbij dan je denkt.

Tourvoorbeeld

map

Over deze tour

  • schedule
    Duur 100–120 minsGa op je eigen tempo
  • straighten
    3.7 km wandelrouteVolg het geleide pad
  • location_on
  • wifi_off
    Werkt offlineEén keer downloaden, overal gebruiken
  • all_inclusive
    Levenslange toegangOp elk moment opnieuw afspelen, voor altijd
  • location_on
    Start bij Schots Parlement

Stops op deze tour

lock_open 3 gratis previews · 12 ontgrendelen met aankoop

  1. Kijk eens naar die stoere, moderne vormen voor je. Nee hoor, er is geen ruimteschip geland; dit is gewoon het Schotse Parlement. Je staat hier aan de voet van de Royal Mile, in de…Meer lezenToon minder

    Kijk eens naar die stoere, moderne vormen voor je. Nee hoor, er is geen ruimteschip geland; dit is gewoon het Schotse Parlement. Je staat hier aan de voet van de Royal Mile, in de buurt die Holyrood heet, en dit gebouw is zo ongeveer het kloppend hart van de Schotse democratie. Als het er druk aan toe gaat, kun je je bijna voorstellen dat je geroezemoes hoort: politici die elkaar onderbreken, vurige debatten, en heel af en toe het tikje van een hamer die orde probeert te scheppen. Proberen, ja. Het lijkt allemaal supernieuw, maar Schotland regelde zijn eigen zaken al eeuwen geleden. Voor zeventien oh zeven had het Koninkrijk Schotland een eigen parlement. Denk even aan stemmen van lang terug, alsof de straatstenen nog weten hoe fel er werd gediscussieerd. Toen kwam het Verdrag van Unie: Schotland en Engeland werden één koninkrijk, en het Schotse parlement verdween. Als een konijn uit een hoge hoed, alleen dan andersom. En nee, er zijn geen politici in konijnen veranderd, al had dat de boel vast opgefleurd. Eeuwenlang bleef het idee leven: we willen weer een eigen stem. Door twee Wereldoorlogen heen en met de roep om “home rule” (zelfbestuur, dus meer beslissingen in eigen land) die steeds luider werd, bleef dat verlangen knagen. En toen, in negentien negenennegentig, was het zover: het parlement keerde terug. Stel je de eerste bijeenkomst voor: trotse M-S-P’s, dat zijn Members of the Scottish Parliament, zeg maar Schotse parlementariërs, papieren die ritselen, kelen die worden geschraapt, en ergens het idee van doedelzakken in de verte. Sindsdien kreeg het parlement meer bevoegdheden, en soms gingen er ook weer wat terug, in een politiek touwtrekken met Westminster, het Britse parlement in Londen. Nieuwsgierig naar de volksvertegenwoordigers, de plenaire zaal of hoe zo’n debat precies verloopt? Vraag het gerust in de chat, dan praat ik je bij.

    Open eigen pagina →
  2. Canongate Kirk
    2
    Ik ben Andy, en terwijl je over de Canongate loopt, komt er zo een kerk in beeld die nogal z’n best doet om op te vallen. Let op die zachte, zandkleurige steen en dat dak dat in…Meer lezenToon minder

    Ik ben Andy, en terwijl je over de Canongate loopt, komt er zo een kerk in beeld die nogal z’n best doet om op te vallen. Let op die zachte, zandkleurige steen en dat dak dat in golven meebuigt, alsof het de heuvels van Edinburgh wil nadoen. Voor je zie je smeedijzeren hekken, een flinke boogpoort en aan weerszijden felrode deuren. Alsof de kerk zegt: “Kies maar, maar kom wel een beetje dramatisch binnen.” Boven de hoofdingang glimt een wapenschild, en je ziet ook het wapen van Thomas Moodie, geflankeerd door twee kale bomen die eruitzien als reusachtige kandelaars zonder kaarsen. Dit is de Canongate Kirk, ook wel de Kirk of the Canongate. Denk even aan het eind van de zeventiende eeuw: deze gemeente bediende niet alleen de mensen hier op straat, maar ook het Parlement verderop en zelfs Edinburgh Castle hogerop. Best een flinke lap grond voor één parochie. En die rode deuren? Die hebben inderdaad iets koninklijks: de Queen kwam hier vroeger op zondag naar de dienst, en haar kleindochter Zara Phillips is hier zelfs getrouwd. En toch: dit gebouw had er bijna niet gestaan. Na de Reformatie, toen Schotland brak met de katholieke kerk, moesten de inwoners van Canongate weg uit Holyrood Abbey omdat de koning daar een chiquer koninklijk kapelletje van wilde maken. De gemeente zwierf naar Lady Yester’s Church, terwijl de Privy Council, een soort koninklijke adviesraad, kibbelde over wie de sleutels kreeg. Als je ooit ruzie hebt gehad over het laatste theezakje: dit, maar dan met religie en politiek. Toen kwam Thomas Moodie. Zijn geld was bedoeld voor van alles, zoals nieuwe klokken en een tolbooth, het oude stadhuis met gevangenis. Na flink wat koninklijk briefverkeer werd het uiteindelijk deze kerk. In zeventienvijfenveertig werd het grimmig: jakobieten, aanhangers van de verdreven koning James, gebruikten de banken om mensen op te sluiten na de slag bij Prestonpans. Verder zag de kerk vurige predikanten, koninklijke optochten en eeuwige discussies over de beste zitplek. Wil je meer over het gebouw, het kerkhof, lopende werkzaamheden of de gemeente weten? Kijk dan gerust even in de chatsectie. Zullen we door naar de volgende stop?

    Open eigen pagina →
  3. John Knox House
    3
    Kijk eens recht vooruit. Zie je dat huis dat eruitziet alsof iemand een sprookjesboek per ongeluk in steen heeft omgezet? Dat is het John Knox House. Let op die rommelige…Meer lezenToon minder

    Kijk eens recht vooruit. Zie je dat huis dat eruitziet alsof iemand een sprookjesboek per ongeluk in steen heeft omgezet? Dat is het John Knox House. Let op die rommelige dakgevels, dat zijn die puntige stukjes dak die uitsteken alsof ze om aandacht vragen. En die overkragingen, delen van het huis die een beetje over de straat heen leunen, net als een buurman die wil meeluisteren. Je ziet oude steen naast roomkleurige, ongelijk gestucte muren, houten balken, witte raamkozijnen die dicht op elkaar zitten, en die deftige stenen buitentrap langs de zijkant. Met een beetje fantasie hoor je haast de hoefslagen op de keien en kooplui die hun waar aanprijzen. En dan het verhaal, met net zoveel bochten als het gebouw. Iedereen noemt dit het John Knox House, naar John Knox, de vurige protestantse hervormer. Een hervormer is iemand die een geloof en de kerk flink wil veranderen, en Knox deed dat niet bepaald fluisterend. Alleen: historici denken dat hij eigenlijk verderop woonde, in Warriston Close. Maar ja, een goede legende laat je niet zomaar de straat uit lopen. Wie woonde hier dan wel? Een hele cast. Vooral goudsmeden, vakmensen die met goud en edelstenen werken. James Mosman werkte hier aan de schitterende juwelen van Mary, Queen of Scots. Klinkt chic, maar het liep grimmig af. Toen Edinburgh Castle na een lange belegering viel, werd Mosman betrapt op het slaan van munten voor Mary’s aanhangers. Zijn straf was afschuwelijk: hij werd opgehangen, gevierendeeld, en onthoofd. Gevierendeeld betekent letterlijk in stukken gehakt. Niet bepaald een carrière-einde waar je voor tekent. Kijk naar binnen, in gedachten: geschilderde plafonds, en een houten galerij, zo’n binnenbalkon langs de muur. Schrijvers uit de negentiende eeuw waren dol op sappige verhalen en plakten Knox’ naam stevig op dit huis. Het scheelde weinig of het werd afgebroken, maar betrokken inwoners redden het en knapten het stap voor stap op, alsof je een geliefde oude jas repareert. Nu is het een museum, verbonden met het Scottish Storytelling Centre hiernaast, en bewaart het verhalen uit heel Schotland. En als je goed luistert, hoor je misschien gefluister: van goudsmeden, hervormers, en een huis dat graag beroemd wil zijn. Vooruit, naar de volgende stop. Er wacht altijd weer een verhaal om de hoek.

    Open eigen pagina →
Toon 12 stops meerToon minder stopsexpand_moreexpand_less
  1. Voor je staat de Tron Kirk. Die hoge, spitse torenspits steekt zo zelfverzekerd omhoog dat je bijna verwacht dat hij de wolken aan hun mouw trekt. Kijk even naar de grote, oude…Meer lezenToon minder

    Voor je staat de Tron Kirk. Die hoge, spitse torenspits steekt zo zelfverzekerd omhoog dat je bijna verwacht dat hij de wolken aan hun mouw trekt. Kijk even naar de grote, oude klok boven de Royal Mile, de hoofdstraat die hier als een historische snelweg door de Old Town loopt. Als je die klok mist, dan mag je officieel je ogen even laten nakijken. De stenen zijn donkergrijs en doorleefd, alsof ze alles al gezien hebben, klem tussen de drukte van de Royal Mile en de oude buren ernaast. En geloof me: deze plek was ooit het sociale middelpunt. Denk aan de zeventiende eeuw: edellieden, professoren en gewone stadsbewoners, allemaal netjes op hun gereserveerde plekken. Dit was niet alleen een kerk, dit was ook een soort “zien en gezien worden” met psalmen. En die naam, Tron? Dat komt uit het Schots: een tron was een enorme weegbalk buiten, waar handelaren hun goederen lieten wegen. Een kerk met een weegschaal erbij, want waarom zou je zielen alleen geestelijk wegen als het ook letterlijk kan? Onder je voeten zitten nog meer verhalen. De kerk is gebouwd bovenop oude woonhuizen en smalle steegjes. Die heten hier wynds en closes: kronkelige doorgangen tussen gebouwen, vaak zo smal dat je schouders spontaan beleefd gaan doen. Toen men dit in de jaren zeventig opgroef, vonden archeologen keienstraatjes en kelders. Een soort Schotse Pompeï, maar dan met minder vulkanen en meer tartan. De Tron Kirk maakte veldslagen, koninklijke bezoeken en flinke elite-drama’s mee. Op de galerij, het balkon binnen, zat de Lord High Commissioner op een troon, met de Lord Chancellor en de Lord Provost ernaast. Wedden dat ze stiekem ruzieden over wie het zachtste kussen had? In zestienhonderdvijftig, bij de Battle of Dunbar, en opnieuw in zeventienvijfenveertig, toen Bonnie Prince Charlie langskwam, stroomde de kerk vol mensen die hoopten op een wonder, of op z’n minst een iets vriendelijkere kerkbank. Het is geen actieve kerk meer, maar als gebouwen konden roddelen, was dit de kampioen van de Royal Mile. En goed nieuws: je hebt mij. Niet te lang naar die klok staren op zoek naar een tijdportaal, we gaan door. Wil je dieper duiken in de archeologie en de tijd vóór de kerk, de religieuze geschiedenis of de predikanten? Praat met me verder in de chat.

    Open eigen pagina →
  2. Je staat pal voor St Giles’ Cathedral, en geloof me: als je die mist, mis je waarschijnlijk ook een dubbeldekkerbus. Kijk naar die stevige stenen kerk met een dakrand vol scherpe…Meer lezenToon minder

    Je staat pal voor St Giles’ Cathedral, en geloof me: als je die mist, mis je waarschijnlijk ook een dubbeldekkerbus. Kijk naar die stevige stenen kerk met een dakrand vol scherpe “tandjes”. En helemaal bovenop: die beroemde kroonspits. Een spits is de puntige torenbekroning, en deze lijkt op een stenen kroon, alsof Edinburgh een middeleeuwse tiara op het dak heeft gezet. Boven de ingang staat ook nog een beeld, en de grote boogvormige glas-in-loodramen geven het geheel dat kleurrijke, mysterieuze kathedraalgevoel. Glas-in-lood betekent: stukjes gekleurd glas die samen een afbeelding vormen. Dit is St Giles’ Cathedral, in het Schots-Gaelisch Cathair-eaglais Naomh Giles. De locals noemen ’m ook gewoon de High Kirk, zeg maar de hoofdkerk van de stad. Het verhaal begint al in de twaalfde eeuw, waarschijnlijk dankzij koning David de Eerste of Alexander de Eerste. Niemand weet het honderd procent zeker, en eerlijk: een beetje mysterie past hier prima. De kerk werd gewijd aan Sint Giles, beschermheilige van melaatsen en buitenstaanders. Denk aan monniken van de Orde van Sint Lazarus, die hier zorgden voor mensen die de rest liever uit de buurt hield. In de veertiende eeuw was het oorspronkelijke romaans gebouw te klein. Romaans wil zeggen: een vroege bouwstijl met dikke muren en ronde bogen. Dus werd er uitgebreid en verbouwd tot in het begin van de zestiende eeuw. Deze plek was van alles: kathedraal, vergaderzaal, zelfs een soort gevangenis in achterkamers. De Zwitserse zakmes-versie van een gebouw. En dan het drama: in juli zestien zevenendertig wilde koning Charles de Eerste een nieuw gebedenboek invoeren. Het publiek pikte het niet, en iemand gooide een kruk naar de predikant. Eén klap, grote gevolgen: dit hielp de Schotse Reformatie op gang. Reformatie betekent: een grote kerkhervorming. St Giles’ werd het kloppend hart van het presbyterianisme, een protestantse stroming geleid door ouderlingen, en staat bekend als de “Mother Church of World Presbyterianism”. Ook John Knox, de pittige leider van die Reformatie, preekte hier. In de negentiende eeuw kreeg het gebouw flinke opknapbeurten, Victorianen voegden gedenktekens toe, en ruim een eeuw geleden kwam de prachtige Thistle Chapel erbij. Tegenwoordig is het nog steeds een werkende kerk, én een trekpleister voor meer dan een miljoen bezoekers per jaar. Loop gerust wat dichter langs die oude muren. Met een beetje verbeelding hoor je bijna de hervormers, de voetstappen uit vroegere tijden en heel in de verte… die ene vliegende kruk. Als je meer wilt weten over de naam, de ligging of de architectuur, stel je vragen gerust in de chat.

    Open eigen pagina →
  3. Loop rustig door en kijk recht vooruit: daar staat een indrukwekkend stenen gebouw met een rij stevige, dikke zuilen die een driehoekig dak dragen. Het heeft iets weg van een…Meer lezenToon minder

    Loop rustig door en kijk recht vooruit: daar staat een indrukwekkend stenen gebouw met een rij stevige, dikke zuilen die een driehoekig dak dragen. Het heeft iets weg van een Romeinse tempel, maar dan met een Schotse spierballenlook. Onder die zuilen zie je brede bogen als ingangen, en ervoor staat een ruiterstandbeeld te waken, alsof hij elk moment “niet dringen!” kan roepen. Dit is Parliament House. Als dit een tikje verweerde, stoere kolos voor je opdoemt, dan zit je goed. Stel je nu even de zeventienhonderd… pardon, de zestienhonderd voor: mensen in capes en pruiken schieten over de kasseien, serieuze gesprekken gonzen langs de stenen muren, en laarzen tikken alsof ze haast hebben met de geschiedenis. Parliament House is namelijk geen zomaar mooi gebouw. Het is het eerste parlementsgebouw ter wereld dat speciaal als parlement is ontworpen, voltooid in zestien veertig. Toen dacht men bij “wifi” eerder aan een toverspreuk dan aan iets dat je telefoon blij maakt. Het staat pal naast de Sint-Gileskathedraal, en hier vergaderde decennialang het Schotse Parlement. Denk aan felle debatten, haastige fluisteringen en, heel menselijk, af en toe iemand die wegdommelt tijdens een taaie toespraak. Achter die zuilen ligt de Parliament Hall: een enorme ruimte met een eikenhouten dak dat er nog steeds is. Ooit hingen er wandkleden, dat zijn grote geweven doeken als luxe muurdecoratie, en je had glas-in-loodramen die het licht laten spelen. Vóór de zestien dertiger jaren zwierf het parlement een beetje rond, als een band zonder vaste zaal. Het groeide uit zijn plek in Sint-Giles, en koning Karel de Eerste stelde een nieuw onderkomen voor. De stadsraad legde geld bij, er gingen zelfs een paar “manses” tegen de vlakte, dat zijn pastorieën, de woningen van predikanten. Karel de Eerste was ook de eerste monarch die hier een zitting bijwoonde. En als je straks onder de bogen doorloopt en ineens zin krijgt om fel over belastingen te discussiëren: geef de geschiedenis maar de schuld.

    Open eigen pagina →
  4. Kijk eens vooruit: daar slingert de Cowgate, een soort verborgen ader onder de bekendere straten van Edinburgh. Je herkent ’m als de weg onder de stenen bogen duikt en uitkomt op…Meer lezenToon minder

    Kijk eens vooruit: daar slingert de Cowgate, een soort verborgen ader onder de bekendere straten van Edinburgh. Je herkent ’m als de weg onder de stenen bogen duikt en uitkomt op een smalle, drukke straat die klem zit tussen hoge grijsbruine gebouwen. En zie je links dat brutale roodstenen pand met die puntige geveltoppen? Mooi, dan zit je goed. En als je brein je hoefgetrappel cadeau doet: dat is gewoon je verbeelding die op hol slaat. Je staat nu op de Cowgate, een van de oudste en meest besproken straatjes van de stad. Bijna zevenhonderd jaar geleden zag je hier geen auto’s, maar koeien op weg naar de markt, door een modderige route aan de rand van de stad. De naam is heerlijk letterlijk: “gate” betekende in het oud-Schots gewoon “weg”. Dus ja, dit was de “Koeienweg”. Ik vraag me af hoeveel runderen later heimwee kregen van rotondes. In de vijftiende eeuw bouwden edelen en stadsbestuurders hier in de buurt hun flinke huizen. Denk aan koetsen, dure stoffen en mensen die doen alsof ze nooit morsen. In de negentiende eeuw kreeg de buurt de bijnaam “Little Ireland”: er woonden veel Ierse immigranten, vaak arm, maar met verhalen, muziek en plannen voor morgen. En vooruit, waarschijnlijk ook af en toe een koppige koe. En dan het koninklijke hoofdstuk: Mary, Queen of Scots logeerde hier ooit. Er waren zelfs koninklijke maaltijden met brood en wijn, plus een vleug drama. Oude verhalen fluisteren ook over stiekeme nachtelijke bezoekjes. Niet alles is middeleeuws. In tweeduizend en twee raasde er een grote brand door deze kronkelende stegen, een doolhof van gebouwen. Dagenlang werd er geblust, maar wonder boven wonder kwam iedereen eruit. Een paar jaar later verrezen er moderne panden waar eerst as lag: weer een nieuw hoofdstuk voor de Cowgate. En ruik je iets raars? Geef de spookkoeien niet de schuld. Dat is gewoon… Edinburgh. Klaar voor de volgende halte?

    Open eigen pagina →
  5. Recht voor je staat een gebouw dat duidelijk heeft besloten: ik ga indrukwekkend zijn, punt. Die grote, gebogen voorgevel heet de façade, zeg maar het “gezicht” van het gebouw.…Meer lezenToon minder

    Recht voor je staat een gebouw dat duidelijk heeft besloten: ik ga indrukwekkend zijn, punt. Die grote, gebogen voorgevel heet de façade, zeg maar het “gezicht” van het gebouw. Tel daar statige stenen zuilen bij op, enorme boogdoorgangen, keurige rijen hoge ramen en die opvallende zilverkleurige koepel, en je hebt Old College van de University of Edinburgh. Serieus én een tikje opschepperig, op de meest charmante Edinburgh-manier. Stel je ditzelfde stuk stad voor tegen het einde van de zeventienhonderden. Het was hier rommelig: oude gebouwen vielen bijna uit elkaar, studenten zaten krap, en het rook waarschijnlijk eerder naar avontuur dan naar frisse zeep. Edinburgh wilde een universiteit die bij de ambities van de stad paste. Alleen, bouwen ging niet zonder gedoe. Er waren ruzies, ongelukken en zelfs een moment waarop iemand dacht: laten we een weg aanleggen dwars door de achtertuin van het college. Dat is geen stadsplanning, dat is tuinieren met een bulldozer. Toen het geld opraakte, lag de bouw stil en bleven de funderingen jaren liggen. Voorbijgangers zullen zich hebben afgevraagd of dit ooit afkwam, of dat het een chique duivenflat zou worden. Uiteindelijk kregen vastberaden doorzetters en architecten met klinkende namen, Robert Adam en William Henry Playfair, het project weer op gang. Grappig detail: dit heette ooit “New College” en staat op grond waar eerder een middeleeuwse kerk en begraafplaats lagen. Binnen vind je grote zalen, de School of Law, dus de rechtenfaculteit, én een kunstgalerie. De koepel kwam pas later: een academische kroon op het werk, alsof Edinburgh zegt: we doen hier ook aan indrukwekkende hoofddeksels. En kijk, studenten blijven studenten: grootse plannen, snelle stappen, en af en toe tóch de verkeerde gang. Voel je de geleerde al in jezelf wakker worden?

    Open eigen pagina →
  6. Kijk maar recht vooruit: daar staat Greyfriars Kirk, pal voor je neus. “Kirk” is Schots voor “kerk”, voor het geval je denkt dat het een exotisch soort koekje is. Het gebouw oogt…Meer lezenToon minder

    Kijk maar recht vooruit: daar staat Greyfriars Kirk, pal voor je neus. “Kirk” is Schots voor “kerk”, voor het geval je denkt dat het een exotisch soort koekje is. Het gebouw oogt eenvoudig, maar met lef: een puntige stenen gevel, hoge smalle ramen die net lijken alsof ze nieuwsgierig staan mee te gluren, en op elke hoek zo’n scherpe spits. Middenin zit een groot boogvenster dat alle aandacht opeist. De steen is zacht geelgrijs, mooi doorleefd, en rondom zie je oude grafstenen en bomen die hun takken als een soort erehaag over het gras buigen. Deze plek heeft drama genoeg om een hele televisieserie te vullen, inclusief… explosies. In de vijftiende eeuw kwamen hier franciscaner monniken aan in grijze pijen, vandaar de bijnaam “Grey Friars”. Ze kwamen zelfs uit de Lage Landen, dus ja: er liep hier ooit een Nederlandse delegatie rond, maar dan met sandalen en een gelofte van armoede. Koning James de vierde nam ze onder zijn bescherming. Stel je voor: zo’n vijftig tot zestig broeders, af en toe een koninklijk bezoekje, en veel zachte voetstappen op steen. Na de Schotse Reformatie, dat was de grote religieuze omwenteling waarbij Schotland met Rome brak, veranderde het oude kloosterterrein in een begraafplaats. En tussen zestien nul twee en zestien twintig werd deze kerk stukje bij beetje gebouwd. In zestien achtendertig werd hier de National Covenant ondertekend: een plechtige belofte om het presbyteriaanse geloof te verdedigen, midden in een stad vol spanning en hoop. Daarna kreeg Greyfriars het zwaar: brand, een explosie die de toren eruit knalde, en zelfs Cromwells troepen die hier werden ondergebracht. Niet bepaald een charmante bed and breakfast, geloof me. Toch werd er steeds herbouwd; de kerk werd zelfs een tijd in twee delen gesplitst en later weer samengevoegd. En het leeft nog steeds: elke week klinken hier diensten in het Gaelic, een Keltische taal die al meer dan drie eeuwen in ere wordt gehouden. Zin om meer te weten over het kerkhof, de bouwstijl of details die je ziet? Duik dan even de chat in. En als je ineens kippenvel krijgt: dat is vast gewoon de sfeer… of een Grey Friar die checkt of je genoeg shortbread hebt meegebracht.

    Open eigen pagina →
  7. Je loopt de Grassmarket op en ineens opent de stad zich: een brede, met keien geplaveide ruimte, ingeklemd tussen hoge, oude gevels waar nu cafés, kroegen en kleine winkels hun…Meer lezenToon minder

    Je loopt de Grassmarket op en ineens opent de stad zich: een brede, met keien geplaveide ruimte, ingeklemd tussen hoge, oude gevels waar nu cafés, kroegen en kleine winkels hun best doen om je aandacht te stelen. Kijk schuin omhoog naar rechts en daar hangt Edinburgh Castle op die rotswand, zo nadrukkelijk aanwezig alsof het even wil checken of iedereen zich wel gedraagt. Dat plein ligt lager dan de straten eromheen. Het voelt een beetje alsof je in een stadskom bent beland, een eigen wereldje midden in Edinburgh. En ja, soms hoor je ergens een doedelzakspeler, zo iemand die met één noot al klinkt alsof hij een heel leger de heuvel op blaast. Maar stel je dit eens voor: eeuwen terug was dit geen terrasparadijs, maar een echte veemarkt. Hoefgetrappel, loeiende koeien, dieren die door met gras begroeide hokken werden geleid. Daar komt de naam Grassmarket vandaan. Handelaren uit heel Schotland stonden hier schouder aan schouder. Kraampjes vol groente, ijzerwaren, teer, dat is een sterk ruikend zwart spul om dingen waterdicht te maken, en potten met felle verfkleuren voor schilders. En het was niet alleen koopwaar. Bij de zuidwesthoek zit de Vennel, een steil steegje met trappen. Knijp je ogen een beetje samen en denk de oude stadsmuren van Flodden en Telfer erbij. Deze plek zag kermissen én openbare ophangingen, met menig toeschouwer die kwam kijken, huiveren, of op het verkeerde moment liever wilde verdwijnen. Daniel Defoe liep hier ook rond en schreef dat de Bow, een boogvormige doorgang en straatje hier vlakbij, vol stond met handel in zware goederen. En voor roddelliefhebbers: de dichters Wordsworth en Robert Burns sliepen in de White Hart Inn. In achttien veertig was dat geen luxe: meer dan tien mensen in één kamer, en een toilet vinden was een avontuur op zich. Zin om meer te weten over deze plek, archeologie, of de Grassmarket als executieplaats? Duik dan even de chat in.

    Open eigen pagina →
  8. Kijk eens omhoog, links van je. Dat dramatische gevaarte dat boven Edinburgh uittorent, bovenop die donkere rotsheuvel, is Edinburgh Castle. Het lijkt net een enorm stenen schip…Meer lezenToon minder

    Kijk eens omhoog, links van je. Dat dramatische gevaarte dat boven Edinburgh uittorent, bovenop die donkere rotsheuvel, is Edinburgh Castle. Het lijkt net een enorm stenen schip dat op een klif is vastgeankerd, met muren die zich als een dikke riem om de rots heen krullen. Bovenop prikt het van de torens en kantelen, dat zijn die getande randjes waar verdedigers vroeger achter dekking zochten. Als je een beetje knijpt met je ogen, zie je er bijna een ridder bij die speurt naar indringers… of gewoon naar iets eetbaars. Deze plek houdt al ruim elfhonderd jaar de boel in de gaten. En ja hoor: het kasteel staat bovenop een vulkaan. Geen zorgen, die is al lang uitgeblust; het vuur zit tegenwoordig in de verhalen, niet in de lava. Hier liepen krijgers, koninginnen, koningen en ook heel gewone mensen rond, allemaal met hun eigen plannen en problemen. Het eerste koninklijke kasteel verscheen hier in de elfde eeuw, in de tijd van Malcolm de Derde. Daarna was het tegelijk paleis en vesting, een beetje als een Schots Zwitsers zakmes: handig voor bijna alles. Rustig is het lang niet altijd geweest. Het kasteel is in totaal zesentwintig keer aangevallen en wordt vaak het meest belegerde plekje van Groot-Brittannië genoemd. Bij sommige belegeringen raakte het water op en lieten verdedigers emmers langs de steile rotswand zakken. Binnen vind je nog een paar oude overlevers: St Margaret’s Chapel, het oudste gebouw van Edinburgh, het Royal Palace en de Great Hall uit de vijftienhonderd. Later was dit ook een militair bolwerk, wapenopslag, schatkamer en zelfs gevangenis. En het bewaart de Honours of Scotland: de oudste kroonjuwelen van Groot-Brittannië. Tegenwoordig hoor je eerder een ceremonieel kanonschot dan echte strijd. Jaarlijks komen er meer dan twee miljoen bezoekers. Het kasteel vormt ook het decor voor de Royal Edinburgh Military Tattoo, een groot spektakel met militaire muziek, doedelzakken en strak marcherende formaties. Klaar voor het volgende hoofdstuk? Vooruit, op naar de volgende stop.

    Open eigen pagina →
  9. Kijk recht vooruit, want dit gebouw doet echt z’n best om op te vallen. New College staat boven op The Mound alsof het de baas is over de hele straat. Gotische torens, scherpe…Meer lezenToon minder

    Kijk recht vooruit, want dit gebouw doet echt z’n best om op te vallen. New College staat boven op The Mound alsof het de baas is over de hele straat. Gotische torens, scherpe spitsen, en in het midden een grote boogvormige ingang met zware eiken deuren. De steen heeft zo’n warme, zandkleurige tint dat je bijna verwacht dat er elk moment een professor met een toverstok naar buiten stapt. Voor het grasveld loopt een ouderwets ijzeren hek, alsof het gebouw zegt: rustig aan, eerst even bewonderen. Stel je nu even de midden negentiende eeuw voor. Koetsen ratelen voorbij en de trappen hier krijgen het druk: jonge mannen en vrouwen, armen vol boeken, hoofd vol plannen. In het jaar achttien zesenveertig ging New College officieel open, kort na de grote Disruption in de Church of Scotland. Disruption betekent letterlijk een breuk: een flinke kerkscheuring waarbij een groep zei, “Dank u vriendelijk, maar wij willen niet dat de overheid de dienst uitmaakt.” Ze begonnen opnieuw, met frisse ideeën over geloof en opleiding. New College werd hun trotse uitvalsbasis. Tegenwoordig komen hier studenten uit meer dan dertig landen. Toekomstige dominees, onderzoekers en misschien wel de volgende grote denker die bij een pubquiz iedereen stil krijgt. Er geven meer dan veertig professoren les. En ze hebben hier de oudste Chair of Divinity van Edinburgh: dat is geen stoel om op te zitten, maar een officiële topfunctie in de theologie, de studie van geloof en God. Binnen werd fel gedebatteerd, werden preken gehouden die de muren deden trillen, en ruzietjes uitgevochten over het universum die soms harder klonken dan doedelzakken buiten. Zin om verder te gaan? Het volgende hoofdstuk ligt om de hoek.

    Open eigen pagina →
  10. Kijk recht vooruit: daar staat een gebouw dat net doet alsof het in Athene is geboren en per ongeluk in Edinburgh is afgeleverd. Brede stenen trappen, een strakke tempelgevel, en…Meer lezenToon minder

    Kijk recht vooruit: daar staat een gebouw dat net doet alsof het in Athene is geboren en per ongeluk in Edinburgh is afgeleverd. Brede stenen trappen, een strakke tempelgevel, en een rij slanke zuilen die bovenaan van die elegante krullen hebben. Dat heet Ionisch: denk aan twee opgerolde “ramshoorns” links en rechts op de zuilkop. Klassiek, statig, en fotogeniek genoeg om elke camera vanzelf omhoog te laten kijken. Je staat bij de Scottish National Gallery, op The Mound, precies tussen Princes Street en Princes Street Gardens. En raak je in de war door al dat Grieks aandoende steenwerk? Begrijpelijk. De buurman, de Royal Scottish Academy, lijkt zó op de Gallery dat je bijna verwacht dat ze ’s nachts van naamplaatjes wisselen, gewoon voor de lol. We gaan even naar achttienhonderdnegenenvijftig. Edinburgh stond op scherp: eindelijk kreeg Schotland een nieuw thuis voor de nationale kunstcollectie, ontworpen door architect William Henry Playfair. Je ziet hem al voor je, borst vooruit: “Zo, deze is in elk geval groter dan m’n vorige.” Het begon allemaal met kunstenaars die het niet helemaal naar hun zin hadden. Uit pure vastberadenheid richtten ze de Scottish Academy op, met één grote wens: een collectie die Schotland waardig was. Daarom werd het gebouw letterlijk verdeeld: half voor de Academy, half voor de Gallery. In achttienhonderdvijftig legde prins Albert de eerste steen, terwijl de stad toestroomde om dat moment mee te pikken. Binnen loopt de kunst van de Renaissance tot het begin van de twintigste eeuw. En ja, toeristen discussiëren nog steeds welke deur nu “de juiste” is, tot ze vooral koffie zoeken. Tegenwoordig is er ook een moderne zet: na verbouwingen is er een ondergrondse ingang die Gallery en Academy met elkaar verbindt. Wil je meer weten over het gebouw, het onderzoek of de collectie? Stuur me gerust een berichtje in de chat hieronder.

    Open eigen pagina →
  11. Kijk eens recht vooruit langs Princes Street, waar je bij de brede kruising met The Mound uitkomt. Je denkt misschien heel even: ben ik per ongeluk in Griekenland beland? Nee…Meer lezenToon minder

    Kijk eens recht vooruit langs Princes Street, waar je bij de brede kruising met The Mound uitkomt. Je denkt misschien heel even: ben ik per ongeluk in Griekenland beland? Nee hoor, je bent nog steeds in Edinburgh. Maar dat rechthoekige gebouw met die zware, gecanneleerde zuilen, met van die verticale groeven erin, heeft wel degelijk iets weg van een klassieke tempel. Alsof het hier is neergezet na een lange reis, zonder zelfs maar een zakje vliegtuigpinda’s. Dit is het gebouw van de Royal Scottish Academy. De stenen zuilen staan er in keurige rijen rondomheen, alsof ze wachtlopen. En kijk omhoog naar de hoofdentree: boven op het portico, dat is die overdekte voorhal met zuilen, zit een beeld van koningin Victoria. Ze is hier verkleed als Britannia, de personificatie van Groot-Brittannië, en ja, ze heeft duidelijk het beste uitzicht. En dan die hoeken: daar zie je telkens twee sfinxen. Sfinxen in Edinburgh, want waarom zou je het mysterie niet gewoon meebestellen bij de architectuur? Begin negentiende eeuw wilde de stad graag indruk maken. Edinburgh moest “het Athene van het Noorden” worden. Architect William Henry Playfair kreeg de opdracht en pakte groots uit. Alleen was de ondergrond hier drassig, dus er zijn tweeduizend houten palen de grond in geheid, zodat het zware zandsteen niet terug zou zakken in de Nor Loch, het oude, beruchte meer dat deze vallei ooit vulde. Aanvankelijk deelden drie geleerde clubs het gebouw: wetenschap, kunst en geschiedenis, allemaal onder één dak met een rijk versierde fries, zo’n sierband met reliëf. Maar kunstenaars blijven kunstenaars: die wilden een eigen galerie. Ze scheidden zich af, richtten de Scottish Academy op en bleven uitbreiden tot de collectie te groot werd voor de ruimte. In de loop van de tijd verhuisden de anderen, waaronder de oudheidkundigen, en namen de kunstenaars het helemaal over. Een eeuw later kwamen er boven zelfs nieuwe zalen bij. Nog steeds bruist het hier van de tentoonstellingen. Als je tussen die zuilen staat, lijkt het alsof de stenen alle discussies over “hangt dit doek wel recht?” nog onthouden. En heel misschien fluistert Victoria de sfinxen welk werk ze als eerste moeten gaan bekijken. Reken alleen niet op antwoord: die houden hun lippen stijf op elkaar. Welkom in Edinburghs tempel van de kunst.

    Open eigen pagina →
  12. Kijk eens vooruit over de brede paden en groene grasvelden van Princes Street Gardens. Daar steekt iets donkers en stekelscherps boven alles uit: de Scott Monument. Het lijkt een…Meer lezenToon minder

    Kijk eens vooruit over de brede paden en groene grasvelden van Princes Street Gardens. Daar steekt iets donkers en stekelscherps boven alles uit: de Scott Monument. Het lijkt een beetje op een gigantische gotische raket die elk moment kan opstijgen. En eerlijk is eerlijk: als er ergens een vampier auditie zou doen, dan zou die hier meteen een rol krijgen. Onder die hoge stenen bogen kun je gewoon doorlopen. En terwijl je daar staat, hoor je Edinburgh z’n eigen soundtrack spelen. In de negentiende eeuw waren dat koetsen die ratelden over straatstenen; nu zijn het bussen, en ergens in de verte hoor je soms doedelzakken. Dit monument is gebouwd voor Sir Walter Scott, een van Schotlands geliefdste schrijvers en een absolute kampioen in verzinnen. Het is zelfs het op één na hoogste monument ter wereld dat aan een schrijver is gewijd. Wie zin heeft in sport: je kunt tweehonderd zevenentachtig wenteltrappen omhoog. Boven wacht een prachtig uitzicht; beneden vaak benen die hun ontslag indienen. De steen komt van vlak bij Edinburgh. Volgens de overlevering zaten de beeldhouwers beschut te werken aan fijne details in hard zandsteen, terwijl de bouwlieden buiten het zware werk deden. Tragisch genoeg maakte het stof van al dat hakken veel vaklui ziek. Schoonheid met een rafelrand. Nog zo’n verhaal: architect George Meikle Kemp dacht dat hij zonder deftige papieren nooit zou winnen. Dus deed hij mee onder een geheime codenaam. Hij won, maar verdronk in een kanaalongeluk voordat het monument helemaal af was. Kijk onder de bogen: daar zit Walter Scott in marmer, met zijn hond Maida. Om hem heen staan vierenzestig personages uit zijn boeken in steen. En soms, zeggen ze, maakt het monument een eigen fluisterend geluid. Dan is Scott vast weer bezig met een nieuw avontuur. Wil je dieper duiken in het ontwerp, de steenhouwers, of de eerste funderingssteen? Kom dan even naar de chatsectie, dan vertel ik je er graag alles over.

    Open eigen pagina →

Beoordelingen

4.5
starstarstarstarstar
2 beoordelingen

Veelgestelde vragen

Hoe begin ik de tour?

Download na aankoop de AudaTours-app en voer je inwisselcode in. De tour is direct klaar om te starten – tik gewoon op afspelen en volg de GPS-geleide route.

Heb ik internet nodig tijdens de tour?

Nee! Download de tour voordat je begint en geniet er volledig offline van. Alleen de chatfunctie vereist internet. We raden aan om te downloaden via wifi om mobiele data te besparen.

Is dit een groepsrondleiding met gids?

Nee - dit is een audiotour met eigen gids. Je verkent zelfstandig op je eigen tempo, met audiovertelling via je telefoon. Geen tourguide, geen groep, geen schema.

Hoe lang duurt de tour?

De meeste tours duren 60-90 minuten, maar jij bepaalt het tempo volledig. Pauzeer, sla stops over of neem pauzes wanneer je wilt.

Wat als ik de tour vandaag niet kan afmaken?

Geen probleem! Tours hebben levenslange toegang. Pauzeer en hervat wanneer je wilt – morgen, volgende week of volgend jaar. Je voortgang wordt opgeslagen.

Welke talen zijn beschikbaar?

Alle tours zijn beschikbaar in meer dan 50 talen. Selecteer je voorkeurstaal bij het inwisselen van je code. Let op: de taal kan niet worden gewijzigd na het genereren van de tour.

Waar vind ik de tour na aankoop?

Download de gratis AudaTours-app uit de App Store of Google Play. Voer je inwisselcode in (verzonden per e-mail) en de tour verschijnt in je bibliotheek, klaar om te downloaden en te starten.

verified_user
Tevredenheid gegarandeerd

Als je niet tevreden bent met de tour, betalen we je aankoop terug. Neem contact met ons op via [email protected]

Veilig afrekenen met

Apple PayGoogle PayVisaMastercardPayPal
Geliefd bij reizigers wereldwijd

Duizenden tours gestart.
Genoeg meningen.

4.8 in de App Store en Google Play. Hier zijn er een paar die we blijven teruglezen.

starstarstarstarstar
Dit was een prima manier om Brighton te leren kennen zonder je als toerist te voelen. De vertelling had diepgang en context, maar overdreef het niet.
Christoph
Christoph
Brighton-tour
starstarstarstarstar
Begon deze tour met een croissant in de ene hand en nul verwachtingen. De app gaat gewoon mee met je, geen druk, gewoon jij, je koptelefoon en gave verhalen.
download Download de app

Koptelefoon in.
Stap naar buiten.

Gratis te downloaden. Tours in elke stad. Start in 60 seconden – geen account, geen creditcard.

Download on the App StoreGet it on Google Play
starstarstarstarstar_half
4.8
AudaTours app icon
headphones
~ 4 min tot je eerste tour begint
public
1.000+ steden wereldwijd
all_inclusive
AudaTours
Unlimited

Elke tour. Elke stad. Eén abonnement.

3096 tours2272 steden138 landen50+ talen