Recht voor je zie je een imposant, lichtbruin paleis met sierlijke raamlijsten, twee robuuste torens en een statige entree; om het makkelijk te spotten, kijk gewoon naar het enorme gebouw aan de overkant van het plein, achter de fonteinen en de beelden.
Stel je eens voor: waar nu het drukke Piazza Roma ligt en het water van de moderne fonteinen zachtjes kabbelt, stond in 1291 een stoer middeleeuws kasteel aan de rand van Modena, direct naast een kanaal vol vissers en handelaars. Het was Obizzo II d’Este die hier zijn stempel zette door er een ware versterkte burcht te bouwen. Maar hé, geen kasteel is veilig voor de tijdbom die geschiedenis heet. Na de Devolutie van Ferrara in 1598 werden de d’Este familie min of meer vriendelijk verzocht hun kasteel te verlaten en een nieuwe thuisbasis te vinden. Modena werd hun nieuwe hoofdstad, maar eerlijk gezegd vond de familie het kasteeltje een beetje knus voor hun ambities. Ze wilden geen bescheiden onderkomen, maar een paleis dat ‘wow’ schreeuwt naar heel Europa.
Enter Francesco I d’Este, een hertog met grootse dromen, wiens ambitie zó groot was dat hij bijna Gian Lorenzo Bernini zelf liet overkomen-je weet wel, dé Bernini uit Rome! Bernini had helaas net een druk schema bij de paus, maar gaf wel een gouden tip: Bartolomeo Avanzini. Wat er toen gebeurde, is alsof je een team van architecten van het kaliber Champions League verzamelt: naast Avanzini mengden Bernini, Borromini en Pietro da Cortona zich er ook nog mee. Kortom, het paleis groeide stukje bij beetje uit tot de marmeren pracht die je nu voor je ziet; geen wonder dat het bouwen tot diep in de negentiende eeuw doorging! Trouwens, als je goed kijkt naar de façade, kun je de marmeren arenden van de Este’s herkennen. Zie je ze zitten?
Loop je nu die monumentale trap op, dan stap je door een poort die aan beide kanten wordt bewaakt door beelden van Hercules en Cerberus aan de ene zijde, en consul Marco Emilio Lepido aan de andere-het klinkt misschien als het begin van een Italiaanse fantasyfilm, maar dit is gewoon Modena! Binnen spreidt zich een wijde ‘Cortile d’onore’ voor je uit, waar kadetten al eeuwen hun militaire eed zweren onder toezicht van marmeren helden. En dan, alsof dat allemaal nog niet indrukwekkend genoeg is, vind je hierboven de ‘Gran Sala’ met een plafond dat, als je goed kijkt, eigenlijk niet onderdoet voor een scène uit een roman van Ariosto. Marcantonio Franceschini schilderde hier in 1695 de heldhaftige Bradamante, letterlijk gekroond door de goden en in gezelschap van Juist alles wat het Italiaanse klatergoud ademt.
Het paleis heeft trouwens een nogal bruisende carrière! In 1757 werd het de zetel van de Accademia Militaire, en niet veel later leerden zelfs Franse soldaten hier hun eerste lessen kruitdampen en artillerie. Napoleon en zijn vrouw Giuseppina maakten in 1805 een bliksembezoek-uiteraard vertrokken ze met wat ‘souvenirs’ in hun koffers: werken en kunstschatten uit de Este-collectie verdwenen als sneeuw voor de zon! Fast forward naar WOII: de Duitsers wisten het paleis ook als hoofdkwartier te gebruiken, en het werd een donkere plek van ondervraging en verzet. Gelukkig, ooit komt alles thuis: sinds 1947 is de Militaire Academie van het Italiaanse leger weer de trotse bewoner van deze muren.
En vergeet het Salottino d’oro niet, het kleine kantoor van Francesco III! Helemaal verguld-letterlijk, want elk paneel is bedekt met bladzilver-en kon zelfs in stukken gedemonteerd worden, wat goed uitkwam toen het tijdens moeilijke tijden onder de grond verdween. Slimmer dan een eekhoorn met een wintervoorraad, toch?
Buiten, tussen jou en het paleis, rijst het standbeeld van Ciro Menotti op. Ciro, een lokale held die met de vlag in zijn hand strijd leverde voor vrijheid en daarna, tja, nogal onvriendelijk behandeld werd door dezelfde hertog die hem eerst steunde. Als je het beeld volgt, kijk dan goed: Menotti kijkt omhoog, precies naar het raam waar Francesco IV ooit zijn doodvonnis ondertekende. Spanning gegarandeerd!
Vandaag de dag schittert het paleis als visitekaartje van de stad. Stel je nu de klikkende hakken voor van jonge militairen die over de stenen lopen, omgeven door het echoën van stappen tegen het marmer, de vlag van Modena die boven het plein wappert, en de verhalen die nog altijd tussen deze muren rondwaren. Een plekje waar geschiedenis en bravoure hand in hand gaan-en als je goed luistert, hoor je misschien zelfs de zachte stem van Francesco I fluisteren: “Kijk, dat is pas een paleis!”


