Kijk naar rechts langs de Via XX Settembre: je ziet een statig middeleeuws gebouw met een opvallende geblokte boog van afwisselend wit en rood en daarboven een fraaie rij bakstenen bogen net onder het dak.
Ah, welkom bij Palazzo Catena! Terwijl je voor deze massieve muren staat, stel je je voor dat je terugreist naar het Asti van de middeleeuwen. De straat ruikt een beetje naar vochtige aarde en versgebakken brood uit een naburige winkel - maar zo’n duizend jaar geleden was het hier een en al bedrijvigheid van ridders, kooplieden, en edellieden.
Deze plek is uniek doordat wat nu als één palazzo lijkt, eigenlijk een soort duizendpoot is, ontstaan uit drie verschillende bouwsels. Zie je die hoek daar, waar de toren tegen het huis aanleunt? Dat was vroeger een ware 'reuzen'toren, het soort dat je niet zomaar even mist - net even groter dan het ego van de gemiddelde middeleeuwse graaf, zeg maar.
De oudste kern van het gebouw, uit de 13e eeuw, herken je aan het bakstenen blok dat haaks op de straat staat. Op de begane grond zitten daar nog bogen met spitsbogen en prachtig wit-rode randen. Later, aan het einde van de 13e eeuw, besloot iemand: “Waarom stoppen we niet een vleugel bij?” en voilà, zo werd deze Palazzo Catena steeds groter - als een burenruzie waarbij iedereen een muurtje optrekt.
Maar aan wie hoorde dit alles eigenlijk toe? Ja, daar zijn de historici het nog altijd niet over eens. Sommigen zeggen: de Catena's! Vandaar de naam! Anderen roepen: “Nee, het waren de Partitá’s!” en weer een ander wijst naar de familie Monte, oude feodale heren met kastelen en verhalen vol mysterie en wellicht meer roddels dan waarheden. En als klap op de vuurpijl spraken rond 1600 zelfs de Alfieri’s van Magliano hier de scepter, een familie die niet vies was van een beetje bravoure.
En dan die gevel! Zie je die imposante ogivale (puntvormige) entree daar? Stel je voor: een deftige dame in zijde, misschien wel Iginia d’Asti, de tragische heldin uit het toneelstuk van Silvio Pellico, sloft onder die boog door - haar hak blijft steken tussen de straatstenen, maar ze probeert toch waardig te blijven. Venus op de gevel, sterren, zodiaktekens en mysterieuze figuren wijzen je de weg omhoog. Alles wat je hier ziet, is uniek: de uit baksteen geboetseerde friezen met tekens die ooit bescherming moesten bieden tegen boze geesten en ongeluk - een middeleeuwse bless-you, zeg maar!
Ga eens zachtjes naar het smeedijzeren hek van de oude fondaco (opslagruimte) boven die toegang. Ooit was dit een donkere, half ondergrondse ruimte waar wijn en graan werden verlopen, en op het plafond prijken nog steeds de wapenschilden van vergeten families. Denk je in: dikke zakken tarwe, rozenkransen, een stem van een handelaar die een beetje te hard onderhandelt, kinderen die stiekem door een raam koekeloeren.
De toren die je ziet, is in de loop der eeuwen “afgevlakt” zodat hij niet te veel opviel tussen het huizenblok, maar ooit was het het trotse bolwerk dat het aanzien van de straat bepaalde. In de 15e eeuw dacht iemand: laten we niet te veel opvallen, en hup, toren omlaag! Kwestie van mode, he? Je weet zelf hoe dat gaat: de ene periode zijn hoge torens hip, de volgende wil iedereen gewoon gelijke dakgoten…
En zo is het verhaal van dit paleis een beetje als een speurtocht vol geheimen en eigenzinnige keuzes. Soms was het een thuis voor armen, dan weer voor edelen, en altijd was er een schaduw van mysterie of een beetje drama, net als in een goede Italiaanse opera. Dus kijk nog eens goed: wie weet voel je wel een zachte bries en denk je heel even Iginia langs die boog te zien verdwijnen…
Gefascineerd door de oorsprong, de structuur of de toren? Laten we erover praten! Ga naar het chatgedeelte voor meer informatie.




